DSODKW & ik; dl. 3: Katoen

Gisteren was de laatste aflevering van de Slag om de Klerewereld. Hierin ging het met name om het onderwerp katoen. Laag loon voor de plukkers, een lage kiloprijs voor de boeren, lage bescherming tegen pesticiden. Nee, dan het biologisch katoen in India (de Indiase man sprak over wel of geen Bt-katoen), minder pesticide nodig, dus beter voor mens en milieu. Hier ging even een alarm af bij mij. Ik begreep het niet namelijk. Biologisch katoen, dat is toch met minder bestrijdingsmiddelen en dus een lagere opbrengst?

Om uit te leggen hoe het zit met katoen begin ik met de theorie, zoals ik meegekregen heb bij biologie op de middelbare school (alweer meer dan 10 jaar geleden, zucht):
Gewassen hebben bij commerciële verbouwing veel last van beestjes, die moeten worden bestreden met gif. Zou het niet enorm tof en elegant zijn om een retrovirus te bouwen dat zorgt voor minder insecticidegebruik en betere opbrengst? Vaarwel hongersnood!
Conclusie uit het theorieboek: conventioneel: lage opbrengst, hoog pesticidegebruik. GMO: weinig pesticide, betere opbrengst.

Dan dus de praktijk. Ik begon door op te zoeken wat Bt-katoen nou eigenlijk is. Tussen aluhoedjes-sites als zaplog en een andere gekleurde bron, is er ook een wikipediapagina over Bt-katoen.

BT staat voor Bacillus thuringiensis, een bacterie die een insecticide produceert, die zich vooral richt op een bepaalde groep beestjes die schadelijk zijn voor de katoenplantages. Het wordt ingebouwd in de katoenzaden via genetische modificatie. Het richt zich niet op andere insecten, zodat er nog steeds bestrijdingsmiddel nodig is. Het is uitgevonden door Monsanto, een grote Gentechproducent. Deze verkocht het gepatenteerde katoenzaad vooral aan India en later ook China.

Het is gebleken dat de verbetering door Bt-katoen minder goed is dan verwacht werd. De daling van het gebruik van insecticiden was veel minder hoog dan verwacht, bijvoorbeeld omdat er meer niet-geëlimineerde insecten waren. Daarnaast was er een grote schok voor de boeren: het zaad deed het dramatisch slecht in het tweede oogstjaar. Ook bleek er resistentie op te treden, zodat er alsnog gezocht moest worden naar alternatieven en variaties. Dit samen met de hogere prijs voor de gepatenteerde zaden, zorgde voor veel ontevredenheid bij boeren, er is debat of er in die tijd een hoger suïcidegetal is geweest onder de Indiase boeren.

Ook op Wikipedia staat een artikel over biologisch katoen. De definitie van biologisch katoen omvat blijkbaar dat het niet-GMO is en verder vrij is van pesticide en kunstmest. Natuurlijke mest blijft essentieel. Het zegt niets over arbeidsomstandigheden of lonen.

Naast gebruik van pesticiden is ook watergebruik een probleem voor grootschalige katoenproductie. Er is veel water nodig op plekken waar het soms schaars is en in het grondwater komt pesticide en kunstmest, waar het verder effect heeft op de omgeving.

Moeten we dan wel katoen gebruiken? Blijkbaar is het inefficiënt en lastig te controleren op slaven- en of kinderarbeid.
Aan de andere kant is het een product van duurzame oorsprong, licht, prettig om te dragen, slecht brandbaar en neemt het veel vocht op (Burda). Zulke positieve eigenschappen zijn natuurlijk ook niet te negeren. In onze samenleving valt katoen als grondstof voor kleding bijna niet te negeren. Opnieuw moet ik mezelf de vraag stellen: Toch maar consuminderen dan?

Conclusie: biologische katoen is ‘gewone katoen’ zonder gebruik van kunstmest of bepaalde bestrijdingsmiddelen, inefficiënt dus. Bt-katoen is genetisch gemodificeerd en heeft last van resistentie, er is nog steeds bestrijdingsmiddel nodig en is duurder voor boeren. Het een of het ander is niet perse beter voor de boeren zelf.

Noot: in principe ben ik niet tegen GMO, maar meer kennis zorgt ook nu weer voor meer nuancering.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *